Toen ik mijn vorige baan vaarwelzegde, was er een tekort aan arbeidskrachten. Er was sprake van toenemende vergrijzing en er was meer werk dan dat er mensen waren. De perfecte situatie voor een sollicitant met bruisende ambities!

Twee maanden van rust en bezinning om mezelf bij elkaar te rapen en in balans, moedig en daadkrachtig de arbeidsmarkt tegemoet te treden. Dat leek toen niet meer dan logisch en gegrond. De tijd die ik kreeg en aanpakte om op adem te komen en te bedenken wat ik nu verder in het leven en op mijn carrière pad ambieerde, vloog voorbij. Vol goede moed, zette ik in februari de eerste stappen in de wereld van het solliciteren.

De eerste brieven werden verzonden, de eerste netwerkgesprekken vonden plaats en ik kreeg zelfs de mogelijkheid voor een meeloopstage. Met name die stage heeft mij veel goed gedaan!

Door mee te kijken in de keuken van de branche die mijn interesse had, kreeg ik de mogelijkheid me beter te informeren over het werkveld, maar tegelijk ook om mezelf te presenteren en voelhorens uit te steken naar waar de behoefte lag, waarop ik dan feilloos kon aansluiten. De stageplek lag alleen een kleine twee uur rijden van mijn woonplaats verwijderd, dus wat reistijden betreft niet echt passend. Ik was toen nog in de veronderstelling dat het daarmee een mooie oriëntatie was. Ik zou tenslotte ook prima in mijn eigen buurt mijn netwerktentakels kunnen gaan uitsteken. Met deze stage op zak zou ik goed beslagen ten ijs komen. ‘Little did I know…..’

Vol enthousiasme en bruisend van energie, in de volle overtuiging dat mijn persoontje perfect zou aansluiten bij het gewenste profiel startte ik met solliciteren. Men was, zo gaf de tekst tenminste aan, op zoek naar (en ik quote): ‘een verbinder, een generalist en iemand die over de eigen muurtjes heen kan kijken, maar ook goed kan samenwerken. Hoogopgeleid, maar met een enthousiaste persoonlijkheid.’

Sommige vacatures lieten in hun marketingcampagne mensen fluitend naar hun werk gaan, andere vacatures zouden op zoek zijn naar mensen met lef en weer anderen ‘zijn in beweging’. Bruisende teksten, maar zoals het vaak is met reclame, vraag ik me -nadat ik contact heb gehad met deze branches- oprecht af of de gebruikte leuze op waarheid of op een wens gegrond is?

Ik zette mijn beste beentje voor! Bruisend, enthousiast, intelligent en jazeker, verbindend! Ik heb er notabene een boek over geschreven. Dus het duurde niet lang tot we in gesprek waren met elkaar. En wat bleek?

De fluitende branche blijkt op zoek te zijn naar ‘weinig poeha en lekker nuchter’, de branche die lef zoekt, blijft vasthouden aan wat men al duizend keer gezien heeft en de branche die in beweging is, is ronduit statisch te noemen. In gesprek met deze bruisende branche val ik (bijna) van mijn stoel wanneer deze zucht naar innovatie, naar samenwerken, naar over de
muurtjes heen kijken wordt weg gevaagd met de volgende woorden:

“Toos Baanloos, realiseer je goed dat wanneer wij jou zouden aannemen, er vijf medewerkers gillend wegrennen. Je hebt het over verbinden, samenwerken met andere branches, een holistische aanpak! Maar…..je moet je voorstellen: dat zijn ze hier totaal niet gewend, hoor. Deze mensen draaien al jaren hun programmaatje af en gaan daarna op huis aan. Die zitten helemaal niet te wachten op innovatie en frisdenkers!”

Verbazing veranderde naar sprakeloosheid. Dat was ik: sprakeloos. Degenen die Toos Baanloos een beetje kennen, weten dat dat niet snel gebeurt. En mag ik heel eerlijk zijn? Er bouwt zich in mij een klein beetje woede op. Wacht eens even! Júllie branche, jullie marketingafdeling en jullie letterlijke vacaturetekst zijn geënt op een visie? Op een droombeeld? Op toekomstmuziek?

Wat men wenst en wat men in de praktijk heeft, ligt zo te zien mijlenver uit elkaar. Maar erger nog, de wens blijft een wens doordat men niet bereid is te veranderen! Met is niet bereid de huidige praktijk te verbinden met de toekomstige visie. Men is niet bereid dit aan te pakken, door te pakken en je hoofd boven dat maaiveld uit te steken. Ik sta notabene recht voor je neus! Ik zou die bruggenbouwer, die verbinder bij uitstek kunnen zijn. Bijzonder. Dat is het.

En nu ik toch bezig ben met gal spuwen, gun mij dit moment om het even volledig te kaderen. Wie weet steekt de lezer (de baanverstrekker) er ook nog iets van op. De casus kan namelijk nog wat scherper worden geduid. Wanneer ik vooraf bel om meer informatie te ontvangen over de vacature blijkt negen van de tien keer dat degene die ik spreek aan de telefoon (de zogenaamde informatieverschaffer) een compleet ander profiel uit de hoed tovert dan daadwerkelijk in de vacaturetekst genoemd staat! De in de vacaturetekst gewenste ‘bruisende, verbindende netwerker’ verandert in het telefoongesprek naar een gewenste ‘ervaren subsidie schrijvende beleidsmedewerker’. De woorden die beschreven staan in de vacaturetekst worden niet genoemd in het telefonische contact. Hoe bijzonder!

Tegelijkertijd, hoe noodzakelijk is dat belletje blijkbaar om de neuzen dezelfde kant op te krijgen. Wanneer ik mijn brief zou schrijven op basis van de tekst alleen zou ik (lees: mijn brief) per direct in de prullenbak verdwijnen. Een vreemde gang van zaken, als je het mij vraagt. Gelukkig vraagt men het mij niet en dat is misschien maar goed ook…..;) In mijn rol als behoeftige, afhankelijke ‘vrager’ ga ik daarom rustig door met mijn zoektocht. Ik denk van alles. Ik uit het (wijselijk) niet. De woorden van een manager dreunen door mijn hoofd: “Toos, je kan gelijk hebben en je kan gelijk krijgen. En dát zijn twee verschillende dingen”. Ik doe er het zwijgen maar toe. Het moet mij tenslotte gegund worden.

En -even eerlijk zijn-, een baan word je zeker niet gegund als je boos bent. Ook al zou je gelijk hebben…..

Wil je voorgaande berichten van Toos Baanloos lezen. Klik dan hier.

Toos Baanloos
Toos Baanloos

Welkom in de wereld van Toos Baanloos!
Terwijl corona om zich heen grijpt, neemt Toos Baanloos je op een innemende, maar open manier mee in haar wereld van sollicitaties, het netwerken en het brieven schrijven. Op een observerende wijze stelt zij de aannames, de valkuilen en de uitdagingen die er zijn om jezelf ‘op afstand’ in de markt te zetten en te verkopen, aan de kaak. Leef met haar mee in haar zoektocht naar werk tijdens Covid-19 en vraag je af:

Hoe zou het voelen om naar werk te moeten zoeken in een tijd waar afstand, onrust en paniek de nieuwe normaal is? En wat zou ik doen als ik in Toos Baanloos haar schoenen zou staan?